Dit voorjaar verscheen dan eindelijk het rapport van de heren Blok en Karsten van het SCO-Kohnstamm Instituut waarop staatssecretaris Dijksma haar verder beleid ten aanzien van het toezicht op thuisonderwijs zou gaan baseren.
Zou…. want in de brief van 19 mei j.l. zegt ze: ‘De uitkomst van dit onderzoek biedt daarmee naar mijn mening onvoldoende grond om aan te nemen dat er sprake is van misstanden die wettelijke maatregelen noodzakelijk maken. Om een goede afweging te maken acht ik daarom vervolgonderzoek noodzakelijk’. De eerste zin geeft hoop: Er lijken dus geen wettelijke maatregelen te zullen volgen. Daar is immers ‘onvoldoende grond voor’. Of biedt dit rapport niet de basis voor maatregelen die ze eigenlijk zou willen nemen en zegt ze daarom dat er een vervolgonderzoek moet komen? Henk Blok, die ik deze vraag voorlegde dacht er zo over: ‘De geciteerde twee zinnen verraden een denkfout: het woordje ‘daarom’ in de 2e zin is misplaatst. Ik begrijp dat Dijksma (en haar collega staatssecretaris voor VO) vooralsnog geen reden zien om wettelijke maatregelen te treffen. Zulke maatregelen zijn evenwel nog niet definitief van de baan. Vervolgonderzoek kan tot een andere afweging leiden, zo is de boodschap’.
In dat vervolgonderzoek wil Dijksma laten bekijken wat, voor kinderen die thuisonderwijs hebben genoten , de kansen zijn in het vervolgonderwijs en op de arbeidsmarkt. Daar zijn twee dingen over te zeggen. In de eerste plaats is het vreemd dat die vragen nu opkomen. Voor een deel zijn ze beantwoord. En wel naar aanleiding van de volgende onderzoeksvragen:
2. Wat houdt het onderwijs in en waarop is het gericht?
   d. Wat ziet men als eindstation voor thuisonderwijs en hoe sluit men aan op
        eventuele vervolgopleidingen?
   e. Welke verwachtingen hebben ouders over de plaats in de maatschappij
        die het kind straks kan vinden?
 Zijn er al ervaringen met oudere
        kinderen, die reeds een plaats hebben gevonden?

En, ten tweede, zijn in de eerste fase van het onderzoek de geoperationaliseerde onderzoeksvragen al eens aan de opdrachtgever voorgelegd. Als er meer expliciete antwoorden zouden zijn verwacht dan was dát het moment geweest om bij te sturen. Op zijn minst een beetje knullig dus, dit handelen van Dijksma.
Maar, en dat is het grootste  punt van zorg, we moeten ondanks al haar onhandige gedoe wel op onze hoede blijven. Want kennelijk is er bij de coalitie zorg over de plaats in de maatschappij die onze kinderen straks kunnen vinden. Wat dat betekent heb ik in een eerdere bijdrage: STAKEHOLDERS al eens gezegd. Het bedrijfsleven en de gevestigde politieke partijen hebben plooi-bare werknemers en kritiekloze belastingbetalers nodig die zonder morren hun bijdrage leveren aan een steeds verder doordraaiende economische groei. Zodat ze lekker kunnen doorgaan met hun respectieve ‘exibitionistische zelfverrijking, vette bonussen’ en ‘leuke dingen voor de mensen’.
Persoonlijk zou ik best kunnen leven met een maatregel die er op neer komt dat ouders voor hun kinderen het recht op bijstand (laten we zeggen tot de leeftijd van 27 jaar) verspelen als ze er samen niet voor hebben gezorgd dat ze een arbeidsmarktkwalificatie hebben. Maar dat zou dan natuurlijk moeten gelden voor alle kinderen; niet alleen voor hen die thuisonderwijs hebben genoten. Zo’n maatregel zie ik een PvdA staatssecretaris overigens nog niet zo snel nemen.
En voor wat betreft dat eventuele toezicht ‘if any’ ben ik het volledig eens met het antwoord van Blok op een van mijn andere vragen: ‘Richtlijn moet m.i. niet zijn wat scholen horen te doen, maar wat er in het Kinderrechten-verdrag is vastgelegd. In plaats van overheidstoezicht zie ik liever zelfregulatie door de betrokken ouders. Er zou een stichting kunnen komen voor de visitatie en accreditatie van thuisonderwijs in Nederland.

This post was submitted by heringa.